Waarom en hoe klonteren zzp’ers samen?

Ben je werknemer, dan is thuiswerken ideaal. De vrijheid om je werk te doen waar je maar wilt, wanneer je maar wilt, is een secundaire arbeidsvoorwaarde om trots op te zijn. Ik liep er ongegeneerd mee te koop. Nu ben ik zzp’er en fiets ik vrijwillig elke dag op en neer naar mijn werk. Omdat ik er mijn brood zowel haal als breng.

Na twee jaar zzp’en gaf ik het thuiswerken definitief op. Wat ik zag als een broedplaats voor ideeën, bleek een kat in de zak. Ik verruilde mijn zolderkamer voor een werkplek waar ik met andere zzp´ers samenklonter. Hier gebeurt het, in tegenstelling tot thuis, waar ik om mezelf heen blijf draaien en voortdurend in de verleiding kom om mijn werktijd aan privézaken te besteden.

Wat gebeurt er precies als je tien zzp’ers bij elkaar in een ruimte zet? Hoe kwam ik mijn zolderkamer af en belandde ik, via koffietentjes, Seats2Meet-locaties en hotellounges bij een ietwat saaie, kantoorachtige werkplek?

Utopia
Ik zag het voor me. Als ik de stekker uit mijn baan zou trekken, zou ik in Utopia belanden. Niet in de versie zoals die op tv is, maar in de ouderwetse betekenis van het woord: een ideale wereld, waarin ik aan het roer stond, en vanuit mijn eigen huis een keur aan klanten zou bedienen met mijn teksten. Deze ambitie heb ik in de afgelopen drie jaar grotendeels gerealiseerd, met één verschil: ik heb het roer verplaatst naar een kantoor, op een steenworp afstand van mijn huis.

Tweerichtingsverkeer
Sociaal contact is volgens onderzoek van ZZP Barometer het belangrijkste argument om zich wel of niet ergens te vestigen, zeggen zzp’ers die werken vanuit een eigen kantoor (21,7%) of flexwerkplek (13,4%). Voor bijna de helft van de zzp’ers is dit geen argument om de deur uit te gaan: zij werken voornamelijk vanuit huis. En dan is er nog de groep zelfstandigen die werkt vanaf locatie: bij de klant of opdrachtgever.

Wat ik thuis vooral miste – en ook niet vond tijdens het werken bij een klant – is het sociale contact met soortgenoten: zzp’ers dus. Die, net zoals ik, hun weg proberen te vinden in een nieuwe omgeving. Waarin je wordt overstelpt met uitnodigingen voor netwerkclubs, acquisitietips en musthaves voor de echte ondernemer. Best vermoeiend, en het vertroebelt de scherpe blik waarmee ik de markt wilde bestormen. Wat ik nodig had, waren mensen om me heen die mij konden helpen. Bij wie ik mijn verhaal kwijt kon. En die ik de week daarop weer zag, zodat ik hun verhaal aan kon horen en hun kon helpen. Zodat er tweerichtingsverkeer ontstond, en we ons niet elke keer opnieuw hoefden voor te stellen. Vergelijk het met collega’s, maar omdat we allemaal ons eigen brood moeten verdienen, zijn we heel gericht bezig. We vliegen in en uit op het moment dat het nodig is. Via WhatsApp onderhouden we contact en piepen we elkaar op als de nood aan de man is. Of soms ook omdat het een eenzame lunch dreigt te worden. En uiteraard is het koffieautomaat een plek waar de laatste nieuwtjes worden uitgewisseld en er flink wordt geroddeld over de nieuwe kantoor-buren: ‘Nou zeg, die mogen dat koffieautomaat ook weleens schoonmaken.’

Duurzame relaties
Waarom maandelijks huur betalen als je ook bij het koffietentje om de hoek kunt aanschuiven? Waar de koffie uiteraard geweldig is en de omgeving minstens zo inspireert als een ‘ouderwetse’ kantoorruimte? Omdat ondernemerschap voor mij draait om het aangaan van duurzame relaties. Contacten die ik bij de lokale Bagels&Beans opdeed, waren vluchtig en kregen geen vervolg. Als ik ze al opdeed, want meestal zat ik tussen een winkelend publiek, aangevuld met studenten en een enkele zzp’er. Omdat ik nooit wist of ik ze nog eens tegen zou komen (en inderdaad: zij kwamen mij daar niet meer tegen), investeerde ik er niet in. Waar ik wel waardevolle contacten opdeed, was bij Seats2Meet. Even een uitstapje, maar voor mijn route richting het Centrum voor Jong Ondernemerschap – waar ik nu zit – niet te missen.

Werkplek boeken
Ik zocht en vond een uitbreiding van mijn netwerk, inspiratie en sfeer bij Seats2Meet. Ik woon en werk in Ede, en na een korte zolderkamer-periode beproefde ik mijn ondernemersgeluk bij een Seats2Meet-locatie. Gloednieuw, net zoals mijn onderneming, dus dat moest wel klikken. Dat deed het. Binnen de kortste keren keek ik uit naar mijn wekelijkse trip richting de ReeHorst, een congrescentrum dat een ruimte beschikbaar stelde voor behoeftige zzp’ers en andere flexwerkers. Laagdrempelig was het zeker, want: gratis. Het was wel de bedoeling dat je iets bracht, in de vorm van jezelf. Eerst een werkplek boeken dus, en daarbij gaf je meteen aan wat jij de community te brengen had aan kennis. Ik vond het geweldig. Het speelde in op mijn nieuwsgierigheid en die van de overige flexwerkers: wie is wie, wat doe jij, dit doe ik, kun je mij hier mee helpen?

Maar al snel verschenen er scheurtjes in deze constructie. Er werden wel heel weinig zaaltjes geboekt, concludeerden de uitbaters (waar, zo bleek later, het geld mee verdiend moest worden). Er zaten vaak studenten van de plaatselijke hogeschool, en dan vooral rond lunchtijd (want: gratis). De eerlijkheid gebied mij om te zeggen dat ik deze ook nooit oversloeg. Wat ik vooral miste, was een fatsoenlijke bureaustoel. Verrassend genoeg was het ook nooit druk. Blijkbaar speelde het Seats2Meet-concept onvoldoende in op de behoefte onder de Edese zzp’er. Wat was eigenlijk die behoefte? Het bleef gissen, ook voor de partijen die achter de lancering van deze samenwerkplek in Ede zaten. Eén ding, nou ja: twee dingen, waren duidelijk: Seats2Meet trok de stekker eruit en ik moest op zoek naar een alternatief.

Uitgestorven kantines
Geen nood, want het zaadje was geplant. Samen met een paar zzp’ers die het scenario ‘zolderkamer’ uit alle macht probeerden te ontlopen, startte ik een zoektocht. Via lounges van hotels en uitgestorven kantines kwam ik terecht in een vervallen gebouw op de Edese Kenniscampus. Ik maakte kennis met het Centrum voor Jong Ondernemerschap (CvJO). Hier vond ik medestanders, en de belofte dat na een verhuizing de faciliteiten op orde zouden zijn: een fatsoenlijke kantoorruimte met fatsoenlijke bureaustoelen, zonder geluidsoverlast en inclusief koffie, wifi en een groep zzp’ers die elkaar vooruit zouden stuwen. Met een gerust hart ging ik met zwangerschapsverlof.

Ongevraagd advies
Anderhalf jaar later werk ik wekelijks een of twee keer in een omgeving die ondernemerschap ademt. Mijn werkplek heeft een professionele uitstraling en ik kan niet wachten om mijn klanten hier uit te nodigen. Als het nodig is, maak ik gebruik van een van onze vergaderruimtes. Een willekeurige ‘day at the office’ ziet er zo uit: vanochtend sprak ik de aanjager van het CvJO, met wie ik een evenement organiseer om onze nieuwe naam te lanceren. Hij wil mij graag bij een aantal van zijn contacten introduceren. Daarna praatte ik met een copywriter over hoe je als zzp’er om kan gaan met de onzekerheid, die onlosmakelijk is verbonden aan het ondernemerschap. Ik belde aan het eind van de ochtend een collega-tekstschrijver, terwijl ik boodschappen deed voor ons kantoor. Ik werkte de agenda op het prikbord bij en tijdens de lunch informeerde ik bij twee van mijn collega’s hoe zij hun acquisitie organiseren. ’s Middags schreef ik er dit artikel en vroeg ik een CvJO’er die ik sinds mijn Seats2Meet-periode ken, mee te lezen.

Voor mij is een vaste samenwerkplek een voorwaarde om het als zzp’er te maken: een thuisbasis voor mijn werkende leven. Ik kan hier mijn vragen neerleggen, net zoals ik dat voorheen bij collega’s kon. En ik kan een eerlijk antwoord verwachten, of ik krijg ongevraagd advies in de trant van: waarom heb ik nog niets over je nieuwe klus gelezen op LinkedIn?

Ik ben zzp’er, maar ook Hanneke Bulten, die zich voor 100% wil richten op andere dingen dan teksten, klanten, te plegen telefoontjes en deadlines. Dit inzicht kreeg ik pas na een hele tijd, waarin ik ook een zoontje kreeg. Die me dat waarschijnlijk deed beseffen. Ik werk nog regelmatig vanuit huis. Als ik geen zin heb om richting ‘kantoor’ te gaan. Als ik ruimte voor mezelf nodig heb. Als ik in opperste concentratie ben en de tijd voorbij vliegt. Maar meestal sta ik op met de gedachte: even ontbijten, mijn zoontje en vriend gedag zeggen, en dan hup op de fiets naar kantoor.

Voor dit artikel heb ik onderzoeksgegevens van ZZP Barometer gebruikt.