Is jouw klant een ‘u’ of ‘jij’?

Niets is zo ongrijpbaar als het moment waarop je besluit je klant te gaan tutoyeren. Je begint netjes met ‘u’, en opeens hoor je jezelf ‘jij’ zeggen. Niemand kijkt er raar van op. Het gaat vanzelf.

Tot zover tutoyeren in rechtstreeks contact. Hoe spreek jij je klant aan in teksten? ‘Het gaat vanzelf’ gaat hier niet op. Halverwege de tekst overschakelen staat slordig. Je kiest ‘u’ of ‘jij’ en daar blijft het bij. Dat doe je door goed te kijken: naar je klant, naar jezelf en naar de tekst.

Ken je klant
Bestaat jouw doelgroep uit 65-plussers, dan hoef je hier niet lang over na te denken. Dat wordt ‘u’. Dat geldt ook voor het andere uiterste. Je haalt het niet in je hoofd om achttienjarigen met ‘u’ aan te spreken. Twijfel je? Visualiseer! Zou je in een gesprek hem of haar snel overschakelen naar ‘jij’? Dan weet je voldoende.

Kijk in de spiegel
Waarom? Het gaat toch om je klant? Ja, maar het gaat ook om jou. Wat wil jij uitstralen? Ben je een informeel en direct type, dan past ‘jij’ beter. Kies waar jij je prettig bij voelt en hanteer dit consequent. Al voelt het onwennig, bedenk dat jij je product of dienst bent. En niemand anders.

Wie leest deze tekst?
Vraag jezelf af wie de tekst te zien krijgt. Is het een Facebook-post? ‘The medium is the message’, dus spreek de Facebooker aan met ‘jij’. In een officiële brief kun je ervoor kiezen om ‘u’ te gebruiken. Maak uitzonderingen op je regel, maar blijf herkenbaar voor je klant.

Ik blog regelmatig over wat ik opsteek tijdens klantcontacten. Hoe doe jij het? Deel het met mij!
Volg mij op Twitter @hannekebulten